Blog

brief aan papa

 

24 november

Lieve papa,

Vandaag is jouw verjaardag. Je zou 93 geworden zijn.

 

Het is raar om te schrijven dat ik blij ben dat je dat niet gehaald hebt maar ik wist dat je levend dood zou gaan achter het gordijn met een zuurstoffles naast je. 68 Was natuurlijk veel te jong en ik zo graag gehad dat Sven en Max van je liefde hadden kunnen genieten zoals jij van hen genoten zou hebben.
Je verjaardag was voor mij altijd een geweldig moment, niet zo zeer om jouw verjaardag maar het was ook de tijd dat Sinterklaas aankwam en er visite kwam. En ik een heerlijk schuimgebakje kreeg. Er was kwam niet vaak visite bij ons thuis, terwijl jij zo van gezelligheid hield.

Als je jarig was, was er ook altijd wel stress, dat weet ik nog goed. Naast je baan als sigarettenvertegenwoordiger was je etaleur. Rond je verjaardag was je heel druk met het maken van vele sinterklaasetalages die dan na 5 december ook allemaal omgetoverd moesten worden voor de Kerst.
Dus lieve pap, rijd ik straks naar je graf in Halsteren en kom langs de winkels die de crisis hebben overleeft en zie hun etalages. Ze zijn lang niet zo mooi als die van jou destijds maar ik zie het niet, ik zie jou met je kale plekkie op je kop, spijkertje tussen je tanden, in een corduroybroek op je knieën achter de etalageruit. Je wringt je in allerlei bochten in de nauwe ruimte om de artikelen zo mooi mogelijk te etaleren dat het mensen verlokt binnen te komen en te kopen. Dus vandaag ben ik niet verdrietig, ben ik blij dat ik je zo voor me kan zien. Dat is jaren niet gelukt, het was te pijnlijk. Nu ben ik dankbaar dat ik je zo weer zie en draai al je lievelingsmuziek; Jo Stafford met Thank you for calling; Sidney Bechett met Petit Fleur en Si tu vois ma mère. The Platters met Only You. En Roger Withaker.

O pa weet je nog die keer dat we aardappelen waren gaan rapen op een zondag. En ik persé die plaat van Roger WIthaker wilde afluisteren in jouw auto. Jij stapte uit en liep voor de auto langs de garagedeur naar de poort. De muziek was klaar en ik riep hoe de radio af moest. Je riep dat ik de contactsleutel naar rechts moest draaien. Tja, ik was nog te jong om te beseffen dat je er gespiegeld voor stond en draaide naar rechts. De auto stond in zijn eerste versnelling en reed zo dwars door de garagepoort…. De aardappelen werden duur betaald. Ik denk dat ik veel van jouw onhandige streken in mijn genen heb en ook dat is fijn, je leeft voort in mij en blijft voor altijd dichtbij. Ik kom je zo bloemen brengen, niet weggaan. Kus, ik hou van je

Elles

grande finale

Gouden bladeren
dwarrelen door de lucht
gedragen door de wind
die hen bemind
zwevend
sierlijk dansend
als een ballerina
op hemelse klanken
vlijden beiden
zich op de grond
licht als een veertje
nog eenmaal
schitterend
in de schijnwerpers
omhelst door
stralen van licht
voor het doek valt
de grande finale

 

© Elles Jansen

Strijk tijdens uitstrijkje

Vanmorgen vroeg had ik een afspraak bij mijn huisarts. De aanleiding was een oproep voor bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker en ik had ook nog wat andere zaken op mijn lijstje staan zoals bloeddruk controle en het halfjaarlijks  bloedonderzoek voor de cardioloog.

 

 

Voor het bloedonderzoek moet je nuchter zijn en daarom ging ik zo vroeg mogelijk.
“Dag Elles, hoe gaat het. En wat kan ik voor u doen?” vroeg hij me van over zijn bril aankijkend.
Ik begon met het verzoek om doorverwijzing voor mijn rugproblemen, dat was snel geregeld.          “Anders nog iets?” vroeg hij alsof ik bij de kruidenier was.
“Ja, bloedonderzoek op cholesterol en suiker. En graag een verklaring voor de sportschool dat ik daar niet meer kan fitnessen.” Hij was het met me eens, hoe belachelijk het was dat ik zo’n verklaring moest hebben. Bij mijn inschrijving bij Sport&Fit had ik aangegeven dat ik rugproblemen had en het wilde uitproberen voordat ik aan een abonnement vast zat.
“Onze vorm van sport is blessure vrij, mevrouw. Wij sluiten altijd een jaarabonnement af, maar na 20 beurten houden we een evaluatie en kunt u nog aangeven dat u wilt stoppen.” Ik was na 16 beurten al uitgevallen met ernstige rugpijn, maar kon mooi niet onder mijn jaarabonnement uit. Schandalig. Maar dat terzijde.

Nadat mijn bloeddruk was opgemeten, bond mijn huisarts een groene tourniquet rond mijn rechterarm en verzocht mij een vuist te maken.
“Dit gaat eventjes zeer doen hoor Elles”, waarschuwde hij. “Dat prikske voel ge even maar het is zo gedaan hoor. Alsof ik een kleuter was maar o zo lief dat hij je steeds wilt geruststellen.
Een harde bons op de deur deed ons opschrikken. Gelukkig was hij nog niet aan het prikken.             “Dokter, de stroom gaat er een half uurke af”, hoorde ik een man zeggen.  Ik had bij aankomst inderdaad al een busje van een klusbedrijf zien staan.

De halogeen lampen aan het plafond gingen uit en de computer en printer staakten met een laatste zucht hun gezoem. Door het dakraam kwam net voldoende licht om de naald in mijn ader te steken. Geen centje pijn natuurlijk. Daarna volgde het baarmoederhalskanker onderzoek. De beugels kwamen vanonder de tafel tevoorschijn en de warm water kraan werd aangezet. Erg attent; zo’n koude ijzeren eendenbek is nou niet precies waar ik op zat te wachten om vijf over half negen op mijn vrije dag.

Door de stroomuitval werd mij de felle lamp aan de onderzoekstafel bespaard en terwijl mijn benen in de stijgbeugels hingen verdrong een zeker schemerig slaapkamer effect de kille onderzoekskamer.
“Het is een beetje een vervelend onderzoek hoor Elles, als ik u pijn doe moet ge het zeggen” zei mijn huisarts. “Dat nu net het licht uit moet vallen”, mopperde hij. Om het ongemakkelijke moment te verhullen vroeg ik voor de grap of ik moest bijschijnen met een zaklamp. Nee dat hoefde niet.
“U heeft vast wel eens in erbarmelijkere omstandigheden moeten werken dokter, of heeft u nooit in een ontwikkelingsland gewerkt?” vroeg ik terwijl hij met het onderzoek begonnen was. Niet dat ik daar beneden een oerwoud heb… ik verwees natuurlijk naar het slechte licht.
“Nee, niet in een ontwikkelingsland, maar wel ernaast”, antwoordde hij. “O, welk land dan?” vroeg ik geïnteresseerd.
“In België, naast Nederland”, antwoordde hij droog. Hilarisch! met mijn benen in de stijgbeugels lagen we strijk tijdens mijn uitstrijkje. Na afloop heb ik hem bedankt dat hij me altijd zo op mijn gemak stelt, hij werd er weliswaar verlegen van.

Van Dammeke Memorial

 

Lieve Greet

Vier seizoenen alweer
sinds jij ben heengegaan
de tijd vliegt
maar is ook stil blijven staan
Je kids zijn gegroeid
in lengte
maar ook in volwassenheid
veel te snel voor hun tijd…

Het verdriet van de herfstdagen
als een boom die zijn blad verliest
stonden wij daar in de kou
een leven zonder jou
Tranen in stormvlagen
op sombere winterdagen
ijselijke koude in ons hart

 een Memorial Van Dammeke
ja speciaal voor jou madammeke
hieven al jouw vrienden
hun glas naar de hemel
De zon scheen
en het werd lente in mijn hart

 collega’s van de Bijster
die dagelijks een kaarsje branden
bij jouw foto en gedenkboekje
ben jij niet in een vergeethoekje
maar dagelijks aanwezig
in verhalen op de groep

Je was zo dichtbij
op die 11e mei
in het licht van de kaarsjes
in de witte wijn die vloeide
we voelden jouw klop
op onze schouder
hoorden jouw stem
herinneringen brachten je weer tot leven
en we huilden stille tranen van verdriet

Omdat jij ons veel te vroeg verliet

Voor Greet

lieve Greet

Vandaag zou je jarig zijn
ik hef mijn glas naar de hemel
jou missen doet zo’n pijn

Ik mis je elke dag
je stralende ogen
en je vrolijke lach

Toch voel ik je zo dichtbij
alle mooie herinneringen
geven troost aan mij

Je ben de sterren en de zon
lieve lieve Greet
ik wou dat ik je feliciteren kon
met een knuffel en een zoen
nog eens met je lachen
samen een terrasje doen

Helaas is ons dat niet gegeven
moeten wij zonder jou verder leven
in stilte zing ik jouw verjaardagslied
want vergeten zullen wij jou niet 

De Verhuisdoos


 

Verhuisperikelen van mijn 84-jaar oude moeder die uit een groot hoekhuis naar een twee-kamer appartementje gaat…

 

 

Mijn moeder woont al 55 jaar in hetzelfde huis in Halsteren, het huis waar ik en mijn twee oudere zussen opgegroeid ben. Waar mijn vader tot zijn dood steeds opnieuw zijn centjes in stopte om verbeteringen aan te brengen; nieuwe badkamer, nieuwe keuken, een bijkeuken. Mooie houten deuren, kunststof kozijnen, dubbel glas, een balkenplafond en ga zo maar verder. Hij had er wat voor over om zijn vrouw tevreden te stellen.

En nu staat er een bord van de makelaar in de tuin. Ik vroeg mezelf af wat dat met me deed. Gek genoeg niet zo veel. De ziel was voor mij al uit het huis verdwenen sinds mijn vader stierf. Hij was degene die voor de gezelligheid zorgde, mijn moeder heeft maar weinig zitvlees en is altijd in de weer.  Het is een hoekwoning, met een redelijke tuin. Veel onderhoud voor een mens van vierentachtig.

Mijn moeder heeft nooit tijd. Ze heeft het druk met wandelen met haar hondje en gaat graag naar de stad en op koopjesjacht naar aanbiedingen uit de reclamefoldertjes. Vaak gaat die ze dan weer omruilen of terugbrengen. Ze zit nog geen uurtje per dag op de bank om televisie te kijken. Op haar grafsteen laten we graveren: Eindelijk rust – Kan niet geruild worden.  (grapje)

Ik hoop dus dat ze met de verhuizing naar een tweekamer appartement tijd gaat krijgen om wat te genieten van haar laatste levensjaren. Tijd krijgt om lekker in een luie stoel naar een mooie serie op TV te kijken of een goed boek te lezen.

Al enkele weken ben ik met haar bezig om kasten op te schonen. Inpakken doen we pas enkele dagen voor de verhuizing. Daarom wil ik dat alleen datgene in de kast staat dat daadwerkelijk mee gaat verhuizen. Je snapt natuurlijk wel dat de helft weg zal moeten als je van een groot huis met drie slaapkamers, zolder, kelder, dubbele garage en bijkeuken naar een tweekamer appartementje moet.
Mijn moeder staat naast me en houdt alles zelf vast voor ze beslist of het in doos 1 (mee) of doos 2 (weg) of doos 3 (kringloop) moet. Ik kan je vertellen dat in doos 2 niet veel spullen zitten. En dat uit doos 3 achter mijn rug om weer veel naar doos 1 gaat.

“Ma, wat moet je met al die zonnebrillen?” Ik houd een plastiek bak voor met wel 17 zonnebrillen in alle kleuren van de regenboog. “Die zet ik op als ik met de fiets naar de stad ga”, zegt ze. “Alle 17?”, vraag ik. Ze pakt de bak vast en zet hem in de keuken. “Zoek ik straks wel uit”, mompelt ze. Zo verdwijnen er nog twee bakken waar geen keus gemaakt kan worden wat er weg kan. Ik kom nog 5 brillenkokers tegen met ongedragen brillen. “Die zijn niet goed, ik kan er niet mee zien,” zegt ze. Maar ze mogen niet weggegooid. “Er kunnen nog andere glazen in”, klinkt het beslist. Als ze nog 20 jaar leeft wel, dan zullen die modellen misschien weer in de mode komen.

Ik trek een ladekastje open dat nog van mijn oma is geweest. Er zitten tientallen shawls in, ook weer in een bonte kleurschaarkering. En 8 paar oorwarmers, en brede haarbanden: 4 groene, 4 rode, 4 gele. “Mama, kies er van elke kleur eentje uit en de rest kan naar de kringloop. En ook van deze 8 paar handschoenen.”  Ook hier blijkt het moeilijk kiezen. Dan kom ik een volle doos vochtige doekjes tegen van Glorix, 20 toiletblokjes, om maar te zwijgen over het aantal pakken toiletpapier en keukenrollen. Genoeg om de hele serviceflat een jaar te voorzien. Ik vertel op vriendelijke, doch besliste toon dat ze tot de verhuizing geen nieuwe voorraad meer mag inkopen. De volgende dag dat ik kom helpen zie ik in de gang een hele tray van potten bruine bonen staan. 24 stuks. “Ze waren in de aanbieding”, verdedigt ze zich.

Ik zucht en probeer aardig te vragen waarom ze niet in de kelder staan. Het antwoord wordt duidelijk als ik de kelderdeur open en daar nog eens 24 potten sperzieboontjes tegenkom…..  Nog even en ik stop haar zelf in een verhuisdoos. Dicht-tapen en pas openen als de verhuiswagen komt.

 

De maat is VOL – deel 11

Een jaar geleden schreef ik mijn eerste De maat is VOL blog. Mijn BMI was morbide, een goede vriendin was ernstig ziek, niets kon haar redden en ik, ik had mijn eigen leven in handen en kon het tij nog keren. Bij mij is het al een jaar lang vijf over twaalf!

 

Goede voornemens, beloftes aan mijn vriendin, periodes van niet snoepen, gestopt met suiker in koffie.  Blog 2, 3 t/m 6 volgenden. Enkele kilo’s eraf, maar dan na de vakantie of feestdagen er weer twee bij. Vol goede moed schreef ik in blog 7 over mijn start bij Weight Watchers Online, maar zoals bij het online pakketjes bestellen, is bij mij deze online-coach nooit goed terechtgekomen.

In januari waren we op vakantie waar ik steeds een trap van 51 treden en nog enkele kleinere trappen op en af moest om naar het zwembad en restaurant en weer terug naar onze hotelkamer te gaan. Halverwege moest ik stoppen om op adem te komen. Alle vijfenzestig plussers liepen me kwiek voorbij. (Degenen die er net zo erg aan toe waren als ik gingen met de lift, ontdekte ik later. Maar dat vertikte ik).

Ik schaamde me diep en op dag 2 lag ik al volop mee te doen met aqua gym. Gelukkig was het water ‘reuma-proof.’ Stond ik daar in het warme water tussen drie bejaarde badmutsen. En aangezien ik mijn bril niet ophad moest ik redelijk vooraan gaan staan anders zag ik niet wat de instructeur uitbeeldde. Ik veroorzaakte een waar golfslagbad met dat gespring.

Terug thuis heb ik me verdiept in ‘GOKken’. Grip op Koolhydraten. Ik eet al acht weken gebakken eieren bij het ontbijt; sla met vis of kip als lunch (keurig zelf klaargemaakt en in een koelboxje mee naar het werk) en ’s avonds een uur waarin koolhydraten genuttigd mogen worden. Dus aardappelen/pasta/rijst met groente en vlees/kip/vis. Maar dan ook mijn dagelijkse fruit en eventueel yoghurt. En water, liters water.

Half januari ben ik een stapje verder gegaan en heb ik me aangemeld bij een Sport & Slankstudio. Onder begeleiding de Milon cirkel afwerken (3 x per week 35 minuten toestellen) en eetadvies. De eerste trainingen bevielen goed, de bodycheck wat minder…. als ik niet snel in gang schiet ik kan mijn eigen memoires gaan schrijven. Maar ik kan niet anders zeggen dan dat de coaches van Sport&Slankstudio Essen motiverend zijn en een goede begeleiding bieden. Met valentijn kregen we zelfs een rode roos omdat we zo lief voor ons lichaam zijn!

Ik GOK erop dat ik in dit jaar toch wel 12 blogs mag schrijven en ook 12 kg af kan vallen. Zoals het er nu naar uitziet gaat dat lukken want ik ben best wel trots dat ik kan melden dat er 7 kg af is.

 

De maat is VOL- deel 10: vallen

Ik heb iets met vallen en dat bevalt me niks.

 

 

 

 

Val ik niet zelf, dan val er wel iets uit mijn handen. En afvallen gebeurt dan weer minder dan ik zou willen. Maar daar hebben beroemdheden als Linda de Mol ook last van, zo las ik in het decembernummer Linda. Ze was begin 2017 gestart met een publiekelijke afvalrace en nu, eind 2017 staat de teller op -4. In dat opzicht mag ik dan eigenlijk niet klagen want ik ben veel later begonnen en heb hetzelfde resultaat. Hoe zich dat gaat doorzetten in 2018 VALT nog te zien.

Gisteren viel ik nog met mijn spiksplinternieuwe winterband (en cabriootje) in een diep gat! Ik moest eruit gesleept worden door drie lieve mannen met een busje.  En dat terwijl ik net zo’n fantastisch goed gespeelde voorstelling had gezien in het Spiegeltheater in Middelburg. Dat was via mijn werk georganiseerd.

Het stuk heette Lastige Ouders en ging over twee mensen die blij waren met hun pasgeboren baby maar er gaandeweg achter kwamen dat er iets mis was. Artsen wilden eerst niks zien toen bleek al snel dat het jongetje epilepsie had en allerlei hersenletsel wat ik hier niet ga noemen. Op onnavolgbare wijze speelden die twee op intieme en indringende wijze wat hen als ouders van een ernstig verstandelijk gehandicapt zoontje overkwam. Ze hadden slechts een klimrek en hangmat als decor.

Op het einde werd op een grote witte ballon een filmpje getoond van een jongetje dat als een dolfijntje genoot in het water. Het was Marike’s eigen zoon Jons. Daar was hij even vrij … ik was er stil van en al mijn eigen beslommeringen vielen weg.

De maat is VOL – Oliebol

Vandaag vloog ik uit de bocht. Eerst reed ik bijna tegen een witte Volvo aan toen ik een bocht nam op een polderweggetje.

 

 

Ik had haar niet zien aankomen en dat was raar; ik had net nog naar een paar gekke koeien gekeken in de wei. En ik vond dat die drie wel bevoorrecht waren ten opzichte van de andere honderd die door de open schuifdeur van de schuur achter een hek dommig stonden toe te kijken. Ik vroeg me af of ze gevoelens van afgunst kenden.
Mijn mobieltje lag netjes in autovakje. Ik was aan het meezingen met de Black Eyed Peas. Dat vloog allemaal door mijn hoofd toen ik uit het niks die witte 4Wheel Volvo door de bocht zag komen.

Remmen piepten, de ABS deed zijn werk. Onze witte bumpers kusten elkaar bijna, haar ogen schoten vuur. Ik wachtte met verkrampte vingers rond het stuur op de klap die gelukkig uitbleef.

Ik deed mijn raampje open om me te verontschuldigen maar liet haar eerst even ontploffen.
“Waar zat u met uw gedachten?” vroeg ze boos. “Als u niet bij de les bent moet u de auto laten staan”. Toen ze wegreed bleef ik nog even met een kloppend hart en draaiende motor stilstaan. Wat was hier gebeurd? Ik was goed geschrokken en dankte God dat de vrouw in een dikke Volvo reed met een nog beter remsysteem dan mijn auto. Ofwel was zij supersnel aan komen scheuren of ik had een blackout. Het gebeurde in een splitsecond. Toch bleef het me bezighouden maar ik zette het van me af om verdere ongelukken te voorkomen. Gelukkig heb ik volgende week vakantie.

De dag verliep verder goed, een leuk interview met een raadslid in een voetbalkantine.  En daarna de nodige zaterdagboodschappen. Daar vloog ik opnieuw uit de bocht. Het was tegen vier uur en ik had na het ontbijt niks meer op, op de bittere zwarte kantinekoffie na.
Heerlijke geuren kwamen uit het oliebollenkraampje bij de ingang van het winkelcentrum. Mijn maag rammelde alsof hij mijn neus wilde steunen. Met twee volle boodschappenkratjes van Albert Heijn kwam ik opnieuw voorbij de oliebollenkraam. Mijn benen stopten. “Wat is er lekker warm?” vroeg ik aan de verkoopster. “De gewone oliebollen”, zei ze. ‘Oké, dan wil ik er eentje graag alstublieft” zei ik. “Eentje maar?” Ze stond al met een grote witte lege zak in haar handen.
“Ja eentje, want het is eigenlijk niet goed voor me.”
Haar echtgenoot met een buik waar al veel oliebollen in verdwenen waren, stopte een oliebol in de magnetron. “Suiker?” vroeg hij. Ik knikte en legde een tientje op de glasplaat. “Betaal de volgende keer maar” zei hij met vette knipoog terwijl zijn ogen hongerig naar mijn voorgevel gleden. Ik wilde geen volgende keer, diepte 70 cent op uit mijn broekzak en legde die op de glasplaat, 10 cent te weinig maar meer had ik niet over voor een kleffe oliebol uit de magnetron. Vastenavond voor mijn vandaag.

De maat is VOL – deel 9 – Brengen scherven geluk?

Vandaag is mijn wekelijkse vrije dag en legt de bakker altijd een volkoren abdij brood voor me weg. De bakker is al om 7.00 uur open maar dan kan dit heerlijke brood nog niet gesneden worden omdat het te warm is. Het is een rond stevig maar mals brood met een knapperige korst waar een beetje witte bloem over gestrooid is.

 

 

Ik ken geen enkele andere bakker die dit overheerlijke brood bakt. Ik had me vanmorgen gewogen en er was een kilo af, vier nu in totaal sinds deze blog. Het gaat langzaam, maar door de terugkerende problematiek met ontsteking van mijn hielbot zit sporten er helaas nog steeds niet in.

Terwijl ik voor de vitrine stond te kijken naar de heerlijke Belgische koffiekoeken en taartjes, weerstond ik de verleiding, ondanks mijn knorrende maag.
Bij de charcuterieafdeling bij dezelfde bakker, weerstond ik de heerlijke salades en vers gemaakte chocopasta. Braaf kocht ik Toscaanse kipfilet en dieetsalami en besloot mezelf te trakteren op een fles biotomatensap. Ik was namelijk veel te blij met die teller op 118. (Ja… ik ben bij het begin niet helemaal eerlijk geweest toen ik zei dat ik 120 woog maar dat paste zo mooi bij de metafoor naar de maximale snelheid op de weg!).  Dus, voor jullie -2 maar voor mij -4.

Thuisgekomen verzamel ik mijn boodschapjes en stap uit mijn auto. Pats, de glazen fles met tomatensap glijdt uit mijn armen en spat in vele stukken uiteen naast en rond de wielen van Gérard zijn auto. Koud dik rood sap drupte over mijn blote voeten. Je zou je in een thriller wanen.
Heb ik weer. Is dat nou mijn beloning voor mijn sterke gedrag?

Ik snel naar binnen, vul enkele emmers met water en smijt het als een volleerde schoonmaakster over de straatstenen. Dom dom dom. Het glas vloog alleen maar verder onder de auto die ik dus ook niet meer kon verzetten zonder er met de banden doorheen te rijden.
Intussen komt de buurman voorbij, 70 is hij en loopt iedere ochtend wel 20 kilometer terwijl de hele straat nog in diepe slaap is. “Goed bezig buurvrouw” roept hij, in de veronderstelling dat ik de auto van mijn man aan het wassen ben. Had ie nog nooit gezien, zal ie ook nooit te zien krijgen.

Verwoed ben ik in de weer met de tuinslang. Ik ga de straat maar schoonspuiten, al die kleine stukjes glas de afvoerput in voordat ik in mijn vingers ga snijden met het oprapen. Slim slim slim.
Een uur later zet ik mijn tanden in het heerlijke verse knapperige brood.  Ik denk dat ik vandaag stiekem toch wel calorieën heb verbrand met mijn glazen accidentje. Brengen scherven geluk? De weegschaal zal het uitwijzen. Wordt vervolgt.